En weer hebben we in Nederland een bijzondere discussie gevoerd de afgelopen week. Een discussie die je weer eens doet denken dat we flink van het padje af zijn. Het laatste woord zal er nog niet over gezegd zijn. Een minister president bijvoorbeeld die de grootsheid en het gezag heeft om te zeggen: nee, wij gaan “de waarde van een leven niet tot geld herleiden”, die hebben we helaas niet in Nederland.

Het College van Zorgverzekeraars (CVZ) wil de medicijnen voor de ziekte van Pompe en de ziekte van Fabry niet meer vergoeden. Er zijn zo’n 170 patienten die aan een van deze twee ziekten lijden. De ontwikkelingskosten van de medicijnen voor die ziekten kunnen vanwege het kleine aantal patienten niet worden terugverdiend. De kosten lopen in de tonnen per jaar per patient. Het college van zorgverzekeraars argumenteert ook nog dat “de effectiviteit van de middelen in geen verhouding staat tot de kosten.”

Dat kan het CVZ wel beweren maar patienten die leiden aan de ziekte van Pompe geven zelf aan er enorm veel baat bij te hebben. Ze kunnen erdoor blijven werken. Een patient merkt op dat voor iemand wiens longen voor 35% functioneren het een enorm verschil maakt of hij per jaar 1% vooruit of 1% achteruit gaat.

Vervolgens zijn er natuurlijk weer degenen die zich kennelijk ergeren aan “politieke verontwaardiging” over dit advies. Zie de Volkskrant van 1 Augustus  2012. Een debat over de prijs van zorg is onontkoombaar, zo luidt de kop. Ja, dat is waar. Dat geldt voor de zorg als geheel. Maar een debat over de waarde van een mensenleven uitgedrukt in geld lijkt me toch minder geslaagd.

Uiteindelijk geeft afgelopen vrijdag de econoom Arnold Heertje in dezelfde Volkskrant zijn mening en hij geeft precies aan wat het CVZ ook had kunnen adviseren, anders dan stoppen met het vergoeden van medicijnen. “De complicatie dat in een markteconomie de ontwikkelingskosten worden omgeslagen over een bescheiden aantal patiënten en de prijs de prijs van de behandeling per patiënt opdrijven, is wel feitelijk juist, maar geen richtsnoer voor humaan beleid.” Heertje oppert de mogelijkheid van interne kruissubsidies, waardoor de prijzen van dure medicijnen omlaag kunnen. “Zelfs als de werking van de markt voor grote delen van de gezondheidszorg wordt aanvaard, dan nog is er geen reden deze werkwijze tot dogma te verheffen als bijzondere omstandigheden een alternatief rechtvaardigen.”

Heertje voert Israël aan, waar wettelijk is vastgelegd dat medicijnen als die voor de ziekten van Pompe en Fabryvan overheidswegen deel uit maken van het basis pakket waarop elke Israëlier aanspraak kan maken.

Heertje eindigt zijn stuk aardig: Een samenleving die zich uitspattingen veroorlooft als grootscheepse verspilling van publieke gelden door wanbeleid en van private gelden door systematische fraude op grote schaal, leeft voldoende boven haar stand om een klein aantal kwetsbaren uit de brand te helpen.

Heertje helpt ons weer het padje op en is mijn held vandaag.

Krantenknipsel van 1 augustus 2012 staat hier.
Knipsel Heertje staat hier.

Advertenties